Doorgaan naar hoofdcontent

RECEPT VAN WELEER Moeders kokoskoek


Het was een stralende dag. Sophie, de 1e huishoudster van mevrouw Belle de Fleurdelis, was na het uitvoeren van de gebruikelijke huishoudelijke taken naar de keuken afgezakt. Nu deed zij dat meestal als het tijd was voor een pauze, om even een fijne kop koffie of thee te nuttigen met de Franse chef-kok van mevrouw, Louis. Die had dan meestal ook iets lekkers erbij om op te smikkelen. Ofwel iets dat versgebakken uit de oven van het oude, vertrouwde, houtgestookte fornuis kwam, ofwel iets dat van gisteren was overgebleven. En als men Sophie mocht geloven, waren die versnaperingen van gisteren vaak nog lekkerder dan de dag ervoor. Dan hadden alle smaken op elkaar in kunnen werken.
 
Het was niet alleen vandaag een mooie dag. De afgelopen dagen waren ook erg mooi geweest, al was het toen niet zó warm als nu. In de keuken stonden dan ook alle ramen tegen elkaar open om een beetje een koele luchtstroom te genereren. Het werkte maar gedeeltelijk. Een gevolg van het mooie weer was, dat in de moestuin de groenten de grond uitspoten, bij wijze van spreken dan. Maar het was verbluffend om te zien hoe hard het in een paar dagen was gegaan. Zeker bij de bladgroenten. Ook de aardappels gingen goed en werden elke dag gecontroleerd op symptomen van de gefreesde aardappelziekte. Zodra er een spoor van te zien was, zouden ze geoogst moeten worden, dan maar wat kleinere aardappels. Maar voorlopig ging het goed.
 
Wel waren de tomaten, tuin- en sperziebonen aan oogsten toe. En omdat het teveel was voor Louis om alles in zijn eentje te doen, kwam Sophie hem helpen, zoals ze dat vroeger thuis ook had moeten doen. Wat dat betreft was er niets nieuws onder de zon. Dus stond zij blijmoedig de boontjes van mevrouw te doppen. Verse tuinbonen waren natuurlijk altijd een heerlijk maal, maar er moest ok wat overblijven om ingemaakt te worden. De weck deed Louis altijd het liefste zelf, zodat hij zeker wist dat als er een fout gemaakt werd, dat een fout van hem was. Dat vond Sophie helemaal niet erg, laat haar maar doppen en de eindjes van de sperziebonen afhalen. Maar haar oog werd steeds naar een harige knol op het aanrecht getrokken.
 
‘Zeg, Louis’, begon ze, ‘wat ligt daar voor rare bonk?’ Ze wees naar het harige bruine ding. ‘Ah, die ken je nog niet!’, antwoordde de kok, ‘die heb ik van een collega van mij gekregen uit Den Haag. Het is een klapper of kokosnoot, een tropische vrucht en je kunt er van alles van maken. Ik zal eens kijken of er nog klappermelk in zit, dat is heel lekker!’ De kok pakte een grote pin en een houten hamer. Bij de punt van de noot zaten een paarkuiltjes, waar hij de pen op zette en met een flinke klap naar binnen sloeg. Daarna liet hij de vrucht boven een beker leeglopen. Er kwam een wit, troebel vocht uit. Sophie mocht het proeven. ‘Oh! Dat is lekker! Jammer dat het niet zoveel is. En nu?’ ‘Nu ga ik de noot stuk slaan en haal ik het vruchtvlees eruit, dat wordt gedroogd en gemalen en maak ik er wat lekkers van!’ Sophie kon er niet op wachten… Net als wij! Maar wij kunnen gewoon kant en klare kokosrasp kopen.


 

Meng de boter met de suiker tot het romig is. Dan roer je het ei en de kokosrasp er doorheen. Dan om en om wat melk en meel toevoegen en als laatste het zout. Vet je springvorm in met boter en strooi er wat paneermeer op. Zet de springvorm in het midden van de oven die op 150 graden is voorverwarmd. Laat in ongeveer een uur lichtbruin en gaar worden. Laat afkoelen en haal uit de springvorm. Garneer, wanneer gewenst, met een chocolade- of botercrème of een glazuur naar keuze. Snij in punten en serveer, eventueel met een bolletje vanille- of kokosijs. Eet smakelijk!
 

Reacties

Populaire posts van deze blog

Oud en Wijs “DE MENS LIJDT HET MEEST, DOOR HET LIJDEN DAT HIJ VREEST.”

    Wekelijks deelt Louis de chef kok van Belle de Fleurdelis in de uitzending van ‘Breien met Louis en Sophie’ een spreuk met de kijkers. Deze spreuk is alom bekend. Maar waar komt die uitspraak eigenlijk vandaan? Louis is op onderzoek uit gegaan en is de bibliotheek gaan raadplegen en heeft alle encyclopédies doorgespit; de Grote Larousse, de Winkler Prince, de Encyclopedia Brittanica en zo kwam hij erachter dat er geen eenduidig antwoord op is te geven. In de loop der jaren hebben vele mensen zich afgevraagd wie deze regels heeft gedicht. De meest genoemde namen zijn: Petrus Augustus de Genestet, Jac. Revius, Nicolaas Beets, Guido Gezelle of Christiaan Huygens. De gedachte achter het versje is al vaak verwoord, bijvoorbeeld door Montaigne (1533-1592): “Qui craint de souffrir, il souffre déjà de ce qu’il craint” (‘Wie het lijden vreest, lijdt al door wat hij vreest’). Nico Scheepmaker vond de overeenkomst met een Engels versje van (mogelijk) Thomas Chatterton die leefde van ...

OUD EN WIJS: In Nederland komt er nooit revolutie, want hier mag je niet op het gras lopen. Karl Marx (1818 – 1883)

Iedere week bespraken Louis en Sophie in hun uitzendingen in 2021 op vrijdagavond in de rubriek ‘Oud en Wijs’ een bijzondere spreuk of citaat. Je kunt ze hier teruglezen. Vandaag een bijzonder citaat over de Nederlandse politiek van Karl Marx.   In zijn tijd werd Karl Marx omarmd maar ook gezien als die man met die opruiende ideeën.  In die tijd werden fabrieksarbeiders in de fabriek bezocht door een mannen die kwamen  vertellen over Marx en dat ze lid moesten worden van de bond, en vaak werden zij er ook weer uitgebonjourd. Wat zou zo’n man als Marx nu eigenlijk weten over Nederland?  Maar misschien zal je dat toch verbazen! Zijn moeder was Nederlands en zijn vader had een Amsterdamse rabbijn als stiefvader. Zijn oom Martin was fabrikant van tabaksdozen in Nijmegen, zijn oom David advocaat in Amsterdam en Paramaribo en zijn tante Sophie trouwde een tabakshandelaar in Zaltbommel. Zij gaven Marx een tijdlang onderdak toen hij zonder geld zat en Das Kapital aan het sch...

DE PAUS IN UTRECHT!

DE PAUS IN UTRECHT!   Oh, wat een dag was dat, toen de paus naar Utrecht kwam! Ik herinner het me nog als de dag van gisteren. Nee Louis, niet paus Adrianus VI, zo oud ben ik nu.... Terug naar mijn verhaal. De Salon van Weleer was in rep en roer, want zo'n bezoek maak je niet vaak mee. Paus Johannes Paulus II, zou op 12 mei 1985 ons stadje, Utrecht bezoeken. Ja ja Louis, die van dat liedje Popie Jopie. Mevrouw Belle de Fleurdelis was druk bezig met de voorbereidingen en ik hielp natuurlijk waar ik kon. Nee ja Louis, de paus is inderdaad niet in de Salon geweest... dat zeg ik toch ook niet. In ieder geval terug naar het verhaal. De verwachting was dat de straten vol zouden staan met mensen, maar het tegendeel bleek waar. Het was echt een bizarre aanblik, die lege straten. In Den Bosch was het al rustig, maar Utrecht spande de kroon met de protesten. Mensen hingen aan lantaarnpalen en riepen "Pope go home!". Het was een chaos zoals ik die nog nooit had gezien. De beelden va...