Doorgaan naar hoofdcontent

RECEPT VAN WELEER Feta en olijvencake


RECEPT VAN WELEER  Feta en olijvencake


Sophie, de eerste huishoudster van mevrouw Belle de Fleurdelis, was op haar oude vertrouwde fiets, haar ‘coursier en acier’ zoals de Franse chef-kok van mevrouw, Louis, het noemde, onderweg naar het dorp. Ze had dat eens aan mevrouw gevraagd, wat de betekenis daarvan was. Belle was nu eenmaal wat beter onderlegd in het Frans dan Sophie. Die had al op jonge leeftijd de schoolbanken moeten verruilen voor een betrekking bij een mevrouw. Dat had zij eigenlijk best jammer gevonden, maar zo lagen de kaarten nu eenmaal. Bovendien hadden vader en moeder dan één mond minder te voeden in het karige huishouden dat zij voerden.

Aan de andere kant had zij in de loop der jaren een heleboel opgestoken in het huishouden van de financieel zeer goed voorziene Belle de Fleurdelis. Niet alleen hoe zo’n huishouden reilde en zeilde, ook de avonturen die mevrouw had beleefd openden haar ogen voor wat er buiten de villa van Weleer plaatsvond. Plus de bijzondere mensen waarmee zij in aanraking kwam; de exotische echtgenoten van mevrouw, de hooggeplaatste gasten die mevrouw ontving tijdens diners, soirees en salons. En niet te vergeten alle boeken die mevrouw in haar bibliotheek had staan en waar Sophie uit mocht putten om haar kennis van van alles en nog wat te kunnen vergroten. Nee, wat dat betreft was zij er een stuk rijker uitgesprongen, dan wanneer zij in het ouderlijk huis was blijven hangen. Intellectueel dan, financieel was het een karige bedoening, maar daar stonden exquise kost en royale inwoning tegenover.

Nee, wat dat betreft had Sophie niet te klagen. Zelfs boodschappen hoefde zij zelden te doen. Mevrouw liet alles aan huis bezorgen wat nodig was om de huishouding op rolletjes te laten lopen. Wekelijks moest iedereen een lijst inleveren met zaken die nodig waren. Louis leverde de lijst voor de keuken in, de stalopzichter wat voor de paarden benodigd was, de chauffeur zorgde dat de wagen onderhouden werd, enzovoort. Maar zo af en toe kwam het voor dat er iets vergeten was, of sneller was opgeraakt dan gedacht. En dan stapte Sophie op haar fiets en peddelde de oprijlaan af naar de Rijksstraatweg en in het dorp naar de kruidenierswinkel, die ook een soort Winkel van Sinkel was. Bijna alles wat je kon verzinnen, was er te koop. Veel nieuwigheden werden er gedemonstreerd.

De winkelbel klingelde vrolijk toen Sophie naar binnen stapte. ‘Hallo, Verkerk!’ riep zij de kruidenier toe. ‘Dag mevrouw, alles goed?’ ‘Zeker, Verkerk. Maar mevrouw zit zonder toiletpapier in de villa.’ ‘Ach, dat is zo verholpen. Kijkt u eens.’ Verkerk zette een pak toiletpapier op de toonbank. Sophie keek naar de uitstalling van kazen. ‘Wat is dat voor wittig spul, Verkerk?’, vroeg zij. De ogen van de man lichtten op. ‘Dat is een nieuwe soort kaas: Grieks. Van schapenmelk. Feta. Heel bijzonder, stukje proeven?’ Dat wilde Sophie wel. En het smaakte! Ongewoon, maar toch… Ze nam een stuk mee voor Louis, die kon er vast wel wat mee. En dat kon Louis! Net als wij. Simpel, doeltreffend en smaakvol. Geniet ervan!

Verwarm de oven voor op 160 graden. Vet een cakevorm van een liter goed in. Meng alle ingrediënten goed en vlotjes tot een beslag en giet dat in de cakevorm. Bak de cake in ongeveer 45 minuten gaar in de oven. Lekker bij de soep of met een salade of als borrelhapje!
 





Reacties

Populaire posts van deze blog

Oud en Wijs “DE MENS LIJDT HET MEEST, DOOR HET LIJDEN DAT HIJ VREEST.”

    Wekelijks deelt Louis de chef kok van Belle de Fleurdelis in de uitzending van ‘Breien met Louis en Sophie’ een spreuk met de kijkers. Deze spreuk is alom bekend. Maar waar komt die uitspraak eigenlijk vandaan? Louis is op onderzoek uit gegaan en is de bibliotheek gaan raadplegen en heeft alle encyclopédies doorgespit; de Grote Larousse, de Winkler Prince, de Encyclopedia Brittanica en zo kwam hij erachter dat er geen eenduidig antwoord op is te geven. In de loop der jaren hebben vele mensen zich afgevraagd wie deze regels heeft gedicht. De meest genoemde namen zijn: Petrus Augustus de Genestet, Jac. Revius, Nicolaas Beets, Guido Gezelle of Christiaan Huygens. De gedachte achter het versje is al vaak verwoord, bijvoorbeeld door Montaigne (1533-1592): “Qui craint de souffrir, il souffre déjà de ce qu’il craint” (‘Wie het lijden vreest, lijdt al door wat hij vreest’). Nico Scheepmaker vond de overeenkomst met een Engels versje van (mogelijk) Thomas Chatterton die leefde van ...

OUD EN WIJS: In Nederland komt er nooit revolutie, want hier mag je niet op het gras lopen. Karl Marx (1818 – 1883)

Iedere week bespraken Louis en Sophie in hun uitzendingen in 2021 op vrijdagavond in de rubriek ‘Oud en Wijs’ een bijzondere spreuk of citaat. Je kunt ze hier teruglezen. Vandaag een bijzonder citaat over de Nederlandse politiek van Karl Marx.   In zijn tijd werd Karl Marx omarmd maar ook gezien als die man met die opruiende ideeën.  In die tijd werden fabrieksarbeiders in de fabriek bezocht door een mannen die kwamen  vertellen over Marx en dat ze lid moesten worden van de bond, en vaak werden zij er ook weer uitgebonjourd. Wat zou zo’n man als Marx nu eigenlijk weten over Nederland?  Maar misschien zal je dat toch verbazen! Zijn moeder was Nederlands en zijn vader had een Amsterdamse rabbijn als stiefvader. Zijn oom Martin was fabrikant van tabaksdozen in Nijmegen, zijn oom David advocaat in Amsterdam en Paramaribo en zijn tante Sophie trouwde een tabakshandelaar in Zaltbommel. Zij gaven Marx een tijdlang onderdak toen hij zonder geld zat en Das Kapital aan het sch...

FOTO VAN WELEER 24 september 1664: Nieuw-Amsterdam wordt New York

Uiteraard deze keer geen echte foto, de fotografie was tenslotte in 1664 nog niet uitgevonden. Het aantal beelden is ook beperkt, er zijn wat oude kaarten en er is één bekend portret van de toenmalige gouverneur van de stad, Peter Stuyvesant. Die heette eigenlijk Pieter, maar zijn naam werd verengelst, net als de kolonie waar hij de baas over was, en is hij bekend als Peter. Hij stond ook bekend als ‘Zilveren Been’ en ‘Peg Leg Pete’, vanwege zijn houten been dat met spijkers en metalen versierselen bedekt was. Dat houten been liep hij op als directeur voor de West-Indische Compagnie van de ABC-eilanden, Aruba, Bonaire en Curaçao, een kolonie van de Zeven Verenigde Nederlanden. In april 1644 leidde hij een aanval op een fort op Sint Maarten, waarbij op een heuvel een batterij kanonnen werd ingericht. Peter besloot eigenhandig een vlag te planten op de batterij, waarop een kanonskogel zijn rechterbeen afschoot. Omdat zijn been in het tropische klimaat niet wilde genezen. Keerde hij terug...