Doorgaan naar hoofdcontent

FOTO VAN WELEER 77 Jaar DDR Ostmark & Berlijnse luchtbrug

 

Er is inmiddels een hele generatie opgegroeid die de val van de Muur in Duitsland niet hebben meegemaakt en alleen van ‘horen zeggen’ hebben. Het is ook alweer 36 jaar geleden. Zij kennen alleen de beelden van juichende of huilende mensen in ronkende Trabantjes, gekleed in gebleekte denim, die de grens tussen Oost en West voor het eerst vrijelijk konden oversteken sinds 13 augustus 1961. De jaren daarvoor was dat de bewoners van de Ostzone, de door de Sovjet-Unie gecontroleerde zone van het na de Tweede Wereldoorlog door de geallieerde strijdkrachten verdeelde Duitsland, steeds moeilijker gemaakt. Tijdens die oorlog waren de westelijke strijdkrachten tegen wil en dank bondgenoot geworden met de Sovjet-Unie, onder leiding van Josef Stalin. Zodra die oorlog gewonnen was, brak de volgende oorlog uit: de Koude Oorlog.

 

Naarmate de tijd verstreek na mei 1945, hoe duidelijker de verschillen tussen de bezettingszones zoals die waren verdeeld, tussen de VS, Groot-Brittannië en Frankrijk enerzijds en de Sovjet-Unie anderzijds, werden. Het naoorlogse Duitsland leed onder gebrek aan van alles, de economie was ingestort en de zwarte markt tierde welig. Om daar een einde aan te maken besloten de westerse mogendheden om de Reichsmark, de  munteenheid van nazi-Duitsland, te vervangen door de D-mark. Daarmee konden ook de oorlogswinsten van zwarthandelaars waardeloos gemaakt worden. Op 20 juni 1948 werd dat ingezet en stonden lange rijen mensen voor de banken waar de nu waardeloze Reichsmarken konen worden omgewisseld in D-marken.



Voor de Sovjet-Unie was dat aanleiding om in hun bezettingszone ook een eigen munt uit te brengen, de ‘Mark der DDR’, in de volksmond ‘Ostmark’ genoemd. Dat gebeurde slechts drie dagen na de invoering van de D-mark, op 23 juni 1948. De westerse mogendheden besloten daarop dat de Ostmark geen geldig betaalmiddel was in de westelijke zones. Dat was voor de Sovjet-Unie om alle toegangswegen tot West-Berlijn af te sluiten. Die stad lag immers midden in de door de Sovjets gecontroleerde zone en was, als hoofdstad, ook in 4 zones verdeeld. Vanaf dat moment konden de westelijke zones niet meer bevoorraad of bereikt worden via de weg, water of per trein. Tevens leverden de onder Sovjetcontrole staande energiecentrales geen stroom meer. Er dreigde honger en, naarmate de maanden verstreken, koude door gebrek aan kolen.




 

Hierdoor hadden de geallieerden drie keuzes: terugtrekking uit Berlijn en de stad overleveren aan de Sovjets, een gewelddadige doorbreking van de blokkade met het risico op een nieuwe oorlog of goederen door de lucht aan te voeren. Over het luchtruim boven de DDR hadden de Sovjets geen zeggenschap. Om dat te voorkomen werd er door de Britse en Amerikaanse vertegenwoordigers voor de laatste optie gekozen. Er werd op alle vliegvelden van West-Berlijn gevlogen, Amerikanen op Tempelhof, Britten op Gatow en de Fransen op Tegel. Tot 12 mei 1949, toen de blokkade wegens gebrek aan succes werd opgeheven, werden er 277.569 vluchten uitgevoerd waarbij miljoenen tonnen aan steenkool, levensmiddelen en bouwmaterialen werden aangevoerd. Op sommige momenten landde er elke 45 seconden een vliegtuig. Helaas gebeurden er bij zoveel vluchten ook ongelukken, die aan 78 mensen het leven kostten. Desondanks was dit een prestatie die niet alleen voor de West-Berlijners, maar voor heel West-Europa een voorbeeld was van wat er gezamenlijk tot stand kon worden gebracht!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Oud en Wijs “DE MENS LIJDT HET MEEST, DOOR HET LIJDEN DAT HIJ VREEST.”

    Wekelijks deelt Louis de chef kok van Belle de Fleurdelis in de uitzending van ‘Breien met Louis en Sophie’ een spreuk met de kijkers. Deze spreuk is alom bekend. Maar waar komt die uitspraak eigenlijk vandaan? Louis is op onderzoek uit gegaan en is de bibliotheek gaan raadplegen en heeft alle encyclopédies doorgespit; de Grote Larousse, de Winkler Prince, de Encyclopedia Brittanica en zo kwam hij erachter dat er geen eenduidig antwoord op is te geven. In de loop der jaren hebben vele mensen zich afgevraagd wie deze regels heeft gedicht. De meest genoemde namen zijn: Petrus Augustus de Genestet, Jac. Revius, Nicolaas Beets, Guido Gezelle of Christiaan Huygens. De gedachte achter het versje is al vaak verwoord, bijvoorbeeld door Montaigne (1533-1592): “Qui craint de souffrir, il souffre déjà de ce qu’il craint” (‘Wie het lijden vreest, lijdt al door wat hij vreest’). Nico Scheepmaker vond de overeenkomst met een Engels versje van (mogelijk) Thomas Chatterton die leefde van ...

HET BIJZONDERE WOORD VAN VANDAAG: FLAMOES

Iedere week bespreken Louis en Sophie in hun uitzending op vrijdagavond een bijzonder woord en de oorsprong ervan. Je kunt hun verhalen hier teruglezen. Vandaag het leuke woord: FLAMOES  Even was er twijfel of Louis zich vergist had en dit een recept zou zijn met een spelfout waardoor het vla-moes moest zijn? Iets als Vanillevla met perenmoes, of zoiets.  Maar dat was het niet. De bedoeling was toch echt het woord flamoes! De betekenis is het vrouwelijk geslachtsdeel en het is misscien verrassend dat het helemaal niet duidelijk waar het vandaan komt.  Er wordt door de kenners wel een verband gesuggereerd met het Duitse Möse zoals dat eind 18e eeuw wordt aangetroffen, of Mütze, dat wij kennen als ‘muts’ in de betekenis ‘domme vrouw’, maar het element fla- blijft dan onverklaard.   Er is een woord ‘plamoes’, dat dunne slappe modder betekent, maar dat heeft ook geen aantoonbaar verband. Waarschijnlijk moet dan eerder gedacht worden aan een dialectvorm van het woord...

OUD EN WIJS: In Nederland komt er nooit revolutie, want hier mag je niet op het gras lopen. Karl Marx (1818 – 1883)

Iedere week bespraken Louis en Sophie in hun uitzendingen in 2021 op vrijdagavond in de rubriek ‘Oud en Wijs’ een bijzondere spreuk of citaat. Je kunt ze hier teruglezen. Vandaag een bijzonder citaat over de Nederlandse politiek van Karl Marx.   In zijn tijd werd Karl Marx omarmd maar ook gezien als die man met die opruiende ideeën.  In die tijd werden fabrieksarbeiders in de fabriek bezocht door een mannen die kwamen  vertellen over Marx en dat ze lid moesten worden van de bond, en vaak werden zij er ook weer uitgebonjourd. Wat zou zo’n man als Marx nu eigenlijk weten over Nederland?  Maar misschien zal je dat toch verbazen! Zijn moeder was Nederlands en zijn vader had een Amsterdamse rabbijn als stiefvader. Zijn oom Martin was fabrikant van tabaksdozen in Nijmegen, zijn oom David advocaat in Amsterdam en Paramaribo en zijn tante Sophie trouwde een tabakshandelaar in Zaltbommel. Zij gaven Marx een tijdlang onderdak toen hij zonder geld zat en Das Kapital aan het sch...