Doorgaan naar hoofdcontent

VIJFTIG JAAR EEN ARNHEMSE BRUG TE VER IN DEVENTER







Het zal u wellicht niet ontgaan zijn dat het deze week 50 jaar geleden is dat de opnamen voor de epische oorlogsfilm ‘A bridge too far’. Het zou destijds met een budget van 25 miljoen dollar de duurste film aller tijden worden. Voor Nederland was het een ongekende invasie van wereldberoemde sterren die allemaal aan de film meewerkten. Daarnaast werden er elke dag honderden figuranten ingezet voor de diverse massascènes.

Het script voor de film was geschreven naar het boek van de Iers-Amerikaanse schrijver Cornelius Ryan. Die werkte in 1941 als journalist in Londen bij de Daily Telegraph, waar hij de luchtoorlog in Europa voor versloeg. Toen Amerika zich in de oorlog mengde vloog hij onder meer mee met 14 bombardementsmissies van de Amerikaanse luchtmacht. Later voegde hij zich bij het 3e Leger onder leiding van generaal George Patton en volgde daar de verrichtingen in Europa tot het einde van de oorlog in 1945. Na het verzamelen van informatie en het afnemen van meer dan 1000 interviews schreef hij in 1956 ‘The Longest Day: 6 June 1944 D-Day’ wat in 1962 door Darryl F. Zanuck verfilmd werd.

Na een boek over de Slag om Berlijn, ‘The Last Battle’ in 1966, begon hij aan ‘A Bridge Too Far’ te werken, over de mislukte ‘Operatie Market Garden’. In 1970 werd er bij hem prostaatkanker geconstateerd. Twee maanden na het verschijnen van het boek in 1974 overleed hij tijdens de promotietournee ervoor in Manhattan. Zijn weduwe, Kathryn Morgan Ryan, publiceerde vier jaar later een boek over de strijd die hij tegen de kanker had gevoerd, getiteld ‘A Private Battle’, geschreven aan de hand van aantekeningen die haar man voor dat doel had nagelaten.

‘Een brug te ver’ was na ‘De langste dag’ de tweede film die gebaseerd werd op een boek van Ryan, en de tweede film over ‘Operatie Market Garden’  na de film ‘Theirs Is The Glory’ uit 1946. De opnames werden voor een groot deel in Deventer gemaakt, omdat daar een vergelijkbare brug beschikbaar was, aangezien de omgeving van de Arnhemse brug inmiddels zodanig gemoderniseerd was, dat filmen onmogelijk was. De opnames op de brug kostten tot 1 miljoen dollar per uur. Er kon alleen tussen 8 en 9 uur ’s morgens gedraaid worden op 3 oktober 1976. Als de opnamen mislukten had dat opnieuw een miljoen gekost, inclusief de kosten van overwerk voor Robert Redford. Om dat te voorkomen werd onder andere alle figuranten die ‘dood’ speelden opgedragen dat ook met gesloten ogen te doen, om zich niet te verraden. Alle grote sterren kregen, tamelijk ongewoon, hetzelfde uitbetaald per week: $ 250.000. 

Het aantal grote namen dat in de film meespeelde was immens: onder meer Dirk Bogarde, James Caan, Michael Caine, Sean Connery, Edward Fox, Elliott Gould, Gene Hackman, Anthony Hopkins, Hardy Krüger, Laurence Olivier, Ryan O'Neal, Robert Redford, Maximilian Schell en Liv Ullmann. Speciaal was ook dat de Amerikaanse officieren ook door Amerikanen werden gespeeld, Engelsen door Engelse acteurs en Duitsers door Duitsers. Ook de Nederlanders die het verzet speelden, waren voornamelijk Nederlanders. Daaronder Peter Faber, maar ook een jonge Erik van ’t Wout die bekendheid genoot als Aristides Quarles van Ispen uit ‘Q en Q’. Vreemd genoeg speelde de Noorse actrice Liv Ulmann, muze van regisseur Ingmar Bergman, een Nederlandse en Laurence Olivier een Nederlander. Lex van Delden, Nederlandse acteur speelde dan weer SS-Oberscharführer Matthias Boschmann. De film werd door de kritieken niet erg enthousiast ontvangen, maar won diverse prijzen en eindigde als 6e meest populaire film van 1977 in de VS.
 



Reacties

Populaire posts van deze blog

Oud en Wijs “DE MENS LIJDT HET MEEST, DOOR HET LIJDEN DAT HIJ VREEST.”

    Wekelijks deelt Louis de chef kok van Belle de Fleurdelis in de uitzending van ‘Breien met Louis en Sophie’ een spreuk met de kijkers. Deze spreuk is alom bekend. Maar waar komt die uitspraak eigenlijk vandaan? Louis is op onderzoek uit gegaan en is de bibliotheek gaan raadplegen en heeft alle encyclopédies doorgespit; de Grote Larousse, de Winkler Prince, de Encyclopedia Brittanica en zo kwam hij erachter dat er geen eenduidig antwoord op is te geven. In de loop der jaren hebben vele mensen zich afgevraagd wie deze regels heeft gedicht. De meest genoemde namen zijn: Petrus Augustus de Genestet, Jac. Revius, Nicolaas Beets, Guido Gezelle of Christiaan Huygens. De gedachte achter het versje is al vaak verwoord, bijvoorbeeld door Montaigne (1533-1592): “Qui craint de souffrir, il souffre déjà de ce qu’il craint” (‘Wie het lijden vreest, lijdt al door wat hij vreest’). Nico Scheepmaker vond de overeenkomst met een Engels versje van (mogelijk) Thomas Chatterton die leefde van ...

HET BIJZONDERE WOORD VAN VANDAAG: FLAMOES

Iedere week bespreken Louis en Sophie in hun uitzending op vrijdagavond een bijzonder woord en de oorsprong ervan. Je kunt hun verhalen hier teruglezen. Vandaag het leuke woord: FLAMOES  Even was er twijfel of Louis zich vergist had en dit een recept zou zijn met een spelfout waardoor het vla-moes moest zijn? Iets als Vanillevla met perenmoes, of zoiets.  Maar dat was het niet. De bedoeling was toch echt het woord flamoes! De betekenis is het vrouwelijk geslachtsdeel en het is misscien verrassend dat het helemaal niet duidelijk waar het vandaan komt.  Er wordt door de kenners wel een verband gesuggereerd met het Duitse Möse zoals dat eind 18e eeuw wordt aangetroffen, of Mütze, dat wij kennen als ‘muts’ in de betekenis ‘domme vrouw’, maar het element fla- blijft dan onverklaard.   Er is een woord ‘plamoes’, dat dunne slappe modder betekent, maar dat heeft ook geen aantoonbaar verband. Waarschijnlijk moet dan eerder gedacht worden aan een dialectvorm van het woord...

OUD & WIJS: ZO BRUTAAL ALS DE BEUL.

OUD & WIJS:  ZO BRUTAAL ALS DE BEUL.  Ofwel. De eerste klap was een daalder waard! Brutaal, tegenwoordig betekent het ‘onbeschoft’ of ‘stout’, maar oorspronkelijk ging de betekenis veel verder: ‘beestachtig’ betekende het in de 16e eeuw. En wat een beul moest doen, was dat destijds ook. Radbraken, bijvoorbeeld, het breken van armen en benen van iemand die op een wiel was vastgebonden. En dan niet één keer, maar liefst per lichaamsdeel zo vaak mogelijk. Of iemand de duimschroeven aanzetten, een apparaatje waarbij de botten in de vingers stuk voor stuk gebroken konden worden. Dan was een onthoofding een ware opluchting, want snel voorbij. Tenzij de beul zijn werk niet goed deed en er twee, drie of vier keer hakken voor nodig had. Andere smerige klusjes waren bijvoorbeeld de keren dat iemand eerst de ingewanden uit het lijf gesneden moesten worden, voor de genadeklap kwam. De beul werd per klap betaald en om er meer zeker van te zijn dat die goed gedaan werd, was de beloning ...